|
|
De habitatrichtlijn
(92/43/EEG)
Deze
Europese richtlijn dateert van 21 mei 1992. Ze verplicht de lidstaten
tot het afbakenen van speciale beschermingszones, waarin maatregelen
genomen moeten genomen worden om de natuurlijke habitats in een gunstige
staat te behouden. Samen moeten deze zones een samenhangend Europees
netwerk vormen (Natura 2000).
Alle soorten vleermuizen in Vlaanderen zijn vermeld in bijlage IV , wat
wil zeggen dat ze als soorten van communautair belang een strikte
bescherming genieten.
Zeven soorten (Grote en Kleine hoefijzerneus,Vale vleermuis, Mopsvleermuis,
Meervleermuis, Ingekorven vleermuis, Bechstein’s vleermuis) worden
ook in bijlage II vermeld als soorten van communautair belang
waarvoor speciale beschermingszones moeten afgebakend worden.
Om de zes jaar moeten de lidstaten een rapport publiceren met de stand
van zaken. In Vlaanderen zijn 40 habitatrichtlijngebieden aangewezen.
Spijtig genoeg is er zo goed als geen rekening gehouden met vleermuizen.
Enkel een aantal winterverblijven werden afgebakend. Zomerkolonies en
foerageergebieden, even essentieel voor het voortbestaan van een vleermuizensoort,
zijn niet opgenomen.

|